nieuws

antipesten of prosociaal?

15 oktober 2018 - EduDivers werkt mee aan een nieuw Europees project over prosocialiteit. "Prosocialiteit" is een vrij nieuw concept dat kan worden gebruikt om uit te leggen hoe sociaal gedrag werkt en om interventies effectiever te maken. Het project startte eerder dit jaar en zal eindigen in oktober 2019. Het zal resulteren in een handleiding voor het voortgezet onderwijs en een Europees netwerk van die scholen werken aan prosociaal gedrag.

Anti-pesten is niet genoeg

Het ALICE-project richt zich op “prosociaal gedrag”. Dat is een breder concept dan bijvoorbeeld “anti-pesten” Anti-peststrategieën zijn gericht op het beperken van negatief gedrag. Maar met dat focus vergeten dergelijke strategieën vaak dat negatief gedrag vervangen moet worden door positief gedrag. Ze vergeten ook dat negatief gedrag doorgaans veroorzaakt wordt door culturele elementen: de angst en boosheid die ontstaan als jongeren het gevoel hebben onrechtvaardig behandeld te worden. Het alleen maar stoppen van negatief gedrag helpt dan alleen maar tijdelijk als er niets aan die oorzaken gedaan wordt. Het ALICE-team zoekt naar oorzaken en oplossingen op een dieper niveau.

Prosociaal gedrag

Prosocialiteit richt zich op het bouwen van positieve gedragspatronen. Een algemene definitie van prosociaal gedrag is dat mensen zich voornemen om dingen te doen die anderen ten goede komen. Maar hoe werkt dit? Het projectteam probeert de aard van prosociaal gedrag te begrijpen met behulp van de taxonomie van prosociaal gedrag die werd voorgesteld door Kristen Dunfield. Dunfield stelt voor dat kinderen drie vaardigheden nodig hebben om succesvol prosociaal te zijn:

  1. ze moeten zich kunnen inleven (empathie) in mensen die een probleem hebben en snappen wat het probleem is (bijvoorbeeld: Ik zie dat een LHBTI-medeleerling gepest wordt, ik zou niet graag in diens schoenen staan; ik snap dat dit discriminatie is en die leerling daardoor benadeeld wordt)
  2. het vermogen om de oorzaak van het probleem te achterhalen (bijvoorbeeld om heteronormativiteit te begrijpen die is ingebouwd in wetten, cultuur en sociale attitudes, en dat het niet alleen maar gaat om individueel onaardig gedrag)
  3. de motivatie om hen te helpen het probleem te overwinnen (bijvoorbeeld om iets te zeggen van homoschelden of te protesteren als de leraar iets bevooroordeelds zegt)

De projectstrategie

De projectstrategie is om een vragenlijst te maken die betrouwbaar meet hoe leerlingen met prosociaal gedrag omgaan. Met de resultaten gaan de projectpartners de dialoog aan in de klas, in het lerarenteam en met de ouders. De gesprekken gaan over wat de school kan doen om leerlingen de vaardigheden en motivatie te geven om "het juiste te doen."
Het ALICE-projectteam is zich er sterk van bewust dat dit niet alleen een kwestie is van individueel aardig zijn voor een ander. Er zijn verschillende wettelijke, culturele en sociale beperkingen om prosociaal te zijn op een effectieve manier. Als een neoliberale samenleving constant bevordert dat je jezelf moet zijn, of je eigen voordeel na te streven; desnoods ten koste van de ander, dan beperkt dit de mogelijkheden om prosociaal te zijn. Wanneer homofobie en transfobie wijdverspreid zijn en zelfs worden ondersteund door officiële instellingen zoals kerken, beperkt dit ook de mogelijkheden om prosociaal te zijn. EduDivers neemt als partner van GALE (Global Alliance for LGBT Education) deel aan dit project om ervoor te zorgen dat deze structurele uitdagingen de aandacht krijgen en dat we onderzoeken hoe deze kunnen worden overwonnen.

Peter Dankmeijer

Meer over het project: https://www.gale.info/en/projects/alice-project
Wilt u op de hoogte blijven van het ALICE-project? Registreer voor LGBT-Education, de externe nieuwsbrief van GALE of voor de specifieke ALICE Newsletter.